top of page

Aarding & potentiaalvereffening
bij zonnepanelen, accu´s en warmtepompen

Goede aarding en correcte potentiaalvereffening zijn geen “nice to have”, maar één van de meest voorkomende afkeurpunten in Scope 12 inspecties.

​

In de praktijk zie ik dagelijks installaties die technisch prima lijken, maar tóch worden afgekeurd door:

  • ontbrekende vereffening,

  • verkeerd aangesloten constructies,

  • onduidelijke koppelingen met de bestaande installatie,

  • of verkeerde aannames over wie waarvoor verantwoordelijk is.​

 

Shesolar helpt installateurs, vastgoedeigenaren en adviseurs om deze punten technisch correct, normconform en verzekerbaar op te lossen.

IMG-20211222-WA0017 (1).jpg

Waarom gaat het hier zo vaak mis?

Omdat aarding en vereffening bijna altijd op het snijvlak van disciplines zit:

  • PV-installateur

  • Elektrotechnische installatie

  • Bliksembeveiliging (LPS)

  • Bouwkundige constructies

​

En precies daar ontstaat verwarring over:

  • Wat moet ik wel doen?

  • Wat mag ik niet doen?

  • Wie is waarvoor verantwoordelijk?

​

Het gevolg:
➡️ Afkeur in Scope 12
➡️ Discussies met inspecteurs
➡️ Gedoe met verzekeraars
➡️ Onnodige herstelkosten achteraf

Scope 12 en potentiaalvereffening: een vaste combinatie

In vrijwel elk Scope 12 inspectierapport komen opmerkingen voor over:

​

  • Onvoldoende vereffening van de PV-onderconstructie

  • Ontbrekende verbindingen van draadgoten, kabelwegen of metalen delen

  • Onjuiste of ontbrekende aansluiting op het aardpunt bij de omvormer

  • Onduidelijke situatie bij combinatie met een LPS (bliksembeveiliging)​

​

De inspecteur zegt wát er niet klopt. Maar niet hóé je het correct oplost.


En precies daar zit de rol van Shesolar!

Accu-opslag (BESS)

Accu-opslag: extra risico, extra eisen

Accu-opslagsystemen (BESS) brengen andere en grotere risico’s met zich mee dan alleen PV:

​

  • Hoge gelijkstromen (DC)

  • Langdurige foutstromen

  • Verhoogd brand- en escalatierisico​

​

In de praktijk ziet men bij inspecties vaak:

  • Ontbrekende of onduidelijke aarding van de accukast

  • Geen aantoonbare koppeling met de hoofdvereffening

  • Metalen frames, rekken of omkastingen die niet zijn meegenomen in de vereffening

​

Net als bij PV geldt:
Alles wat geleidend is en bij de installatie hoort, moet aantoonbaar in het vereffeningssysteem zijn opgenomen.

​

Bij Scope 12 en verzekeringsinspecties leidt dit steeds vaker tot opmerkingen of afkeur.

Warmtepompen

Warmtepompen: vaak vergeten, wel gevoelig

Warmtepompen bevatten vermogenselektronica en worden vaak:

​

  • Op het dak geplaatst

  • Buiten opgesteld

  • Of gekoppeld aan meerdere installaties tegelijk

​

In de praktijk ontstaan hier vaak tekortkomingen zoals:

  • Geen of onduidelijke aardverbinding van de buitenunit

  • Geen koppeling met de vereffening van het gebouw

  • Onduidelijkheid bij combinatie met bliksembeveiliging (LPS)

​

Ook dit zijn punten die in Scope 12 inspecties en verzekeringsrapportages steeds vaker worden benoemd.

Wat eist de norm in de praktijk?
(NEN 1010 & Scope 12)

In vrijwel alle Scope 12 inspecties komen dezelfde tekortkomingen terug rond aarding en potentiaalvereffening. De norm (NEN 1010) en de inspectiepraktijk zijn hier duidelijk over:

​

Voor PV-installaties geldt in hoofdlijnen:

  • De onderconstructie van de PV-installatie moet worden vereffend

  • Alle vreemde geleidende delen in de nabijheid van de installatie moeten worden meegenomen (draadgoten, metalen dakdelen, hekwerken, staalconstructies, etc.)

  • De vereffening moet worden doorverbonden met het aardpunt bij de omvormer / hoofdvereffening

​

Over de doorsnede van de vereffeningsleiding:

  • In de praktijk geldt meestal:

    • 6 mm² Cu voor lokale vereffening tussen metalen delen onderling

    • 16 mm² Cu voor de verbinding van de PV-onderconstructie Als deze in contact staat met de LPS

​

In combinatie met bliksembeveiliging (LPS) gelden dus aanvullende eisen en grotere doorsneden.

​

Belangrijk onderscheid:
De PV-installateur is niet verantwoordelijk voor het ontwerp of aanpassen van de bliksembeveiligingsinstallatie (LPS).

 

Maar is wél verantwoordelijk voor:

  • Correcte vereffening van de PV-onderconstructie/ draadgoot

  • Correcte koppeling naar het aanwezige aardingssysteem

  • Correcte vereffening van kabelwegen en metalen delen van de PV-installatie

In combinatie met bliksembeveiliging (LPS):

Wanneer een gebouw is voorzien van een bliksembeveiligingsinstallatie:

  • Moet de scheidingsafstand worden beoordeeld

  • Mag de PV-installateur niet zelfstandig verbindingen met het LPS aanbrengen

  • Dat valt onder verantwoordelijkheid van de bliksembeveiligingsinstallateur

 

In de praktijk gaat dit hier vaak mis en leidt dit tot Scope 12-afkeur.

bottom of page